- Belastingwijzigingen en lagere aftrekposten voor zelfstandigen kunnen in 2027 gevolgen hebben voor hoeveel inkomen huishoudens netto overhouden.
- De zorgkosten zullen naar verwachting stijgen, terwijl ondersteuning voor zorg, kinderopvang en energie afhankelijk blijft van de vraag of je ervoor in aanmerking komt.
- De voorstellen voor vervoer omvatten een hogere belastingvrije kilometervergoeding en een verdere verlaging van de accijnzen op benzine en diesel.
- De hervorming van Box 3 blijft onzeker, terwijl wordt voorgesteld om de overdrachtsbelasting voor beleggingswoningen te verlagen van 8% naar 7%.
Op 15 september 2026 presenteerde het kabinet-Jetten tijdens Prinsjesdag de Nederlandse begroting voor 2027, met onder meer nieuwe maatregelen voor het nettoloon, de overdrachtsbelasting en een hogere belastingvrije reiskostenvergoeding, evenals een belasting op fossiele brandstoffen en btw-verhogingen in bepaalde sectoren.
De voorstellen die tijdens Prinsjesdag zijn bekendgemaakt, moeten nog door het parlement worden goedgekeurd. Als ze worden aangenomen, zullen ze naar verwachting op 1 januari 2027 in werking treden.
Nu verschillende belangrijke wijzigingen ten opzichte van de Nederlandse begroting voor 2026 doorwerken in 2027, zetten we de belangrijkste veranderingen voor huishoudens op een rij en geven we beleggers een overzicht van wat ze richting 2027 kunnen verwachten.
Overzicht Nederlandse begroting: de belangrijkste wijzigingen in één oogopslag
Niet elke onderstaande maatregel treedt automatisch op 1 januari 2027 in werking. Sommige maatregelen gelden met terugwerkende kracht, andere worden over meerdere jaren gefaseerd ingevoerd en weer andere moeten nog door het parlement worden goedgekeurd. Gebruik deze tabel daarom als uitgangspunt en niet als definitief overzicht.
Economische vooruitzichten voor 2027
De Nederlandse begroting is gebaseerd op prognoses die erop gericht zijn de inflatie onder controle te houden en het begrotingstekort terug te dringen. De overheid verwacht dat de inflatie gemiddeld 2,7% zal bedragen, tegenover een EU-prognose van 3% voor 2027, terwijl hoge olieprijzen en wereldwijde volatiliteit de productie- en algemene kosten opdrijven. Tegelijkertijd wordt een economische groei van 1,2% verwacht en zou het begrotingstekort oplopen tot 2,7%.
Voorafgaand aan de bekendmaking van de begroting voor 2027 wezen onafhankelijke instanties zoals het CPB en DNB erop dat de begrotingswijzigingen te sterk leunen op belastinginkomsten uit arbeid, terwijl bedrijfswinsten en vermogen volgens hen onvoldoende worden meegenomen.
Wijzigingen in de begroting voor inkomen en belastingen
De wijzigingen in de inkomstenbelasting voor 2027 hebben de meest directe gevolgen voor het huishoudbudget. Het tarief in de eerste belastingschijf, voor inkomens tot € 39.200, stijgt van 35,75% naar 36,23%. Het tarief in de tweede schijf, voor inkomens tot € 78.400, gaat omhoog van 37,56% naar 38,16%.
In de praktijk zal het effect op het nettoloon verschillen. Ook de arbeidskorting wordt in 2027 verhoogd en daarnaast wordt een loongroei van 3,8% verwacht. Door de combinatie van hogere belastingtarieven, een hogere arbeidskorting en stijgende lonen zal niet iedereen er netto op achteruitgaan. Het uiteindelijke effect hangt af van het individuele inkomensniveau, waarbij werkgevers een deel van de extra lasten opvangen.
Voor zelfstandigen zijn de veranderingen ingrijpender. De startersaftrek voor nieuwe ondernemers daalt in 2027 naar slechts € 10 en wordt vervolgens in 2028 afgeschaft.
De overheid verzacht de gevolgen bovendien sterker voor gepensioneerden en uitkeringsgerechtigden dan voor werkende huishoudens. Hoewel de koopkracht voor de meeste groepen licht daalt, worden gepensioneerden en huishoudens met een laag inkomen grotendeels tegen deze daling beschermd.
Zorg en vervoer
In 2027 stijgen de zorgkosten, maar minder sterk dan aanvankelijk werd verwacht. Het verplichte eigen risico gaat omhoog van € 385 naar € 400, in lijn met de inflatie en niet met de sterkere verhoging van € 60 die eerder ter sprake was gekomen.
De overheid verwacht daarnaast dat de maandelijkse zorgpremie met ongeveer € 12,50 zal stijgen, hoewel zorgverzekeraars hun premies zelfstandig vaststellen. Daarnaast wordt € 100 miljoen uitgetrokken voor vaccinaties tegen gordelroos voor mensen van 60 tot en met 69 jaar. Mensen van 70 jaar en ouder zullen deze kosten zelf moeten betalen.
Ook vervoerskosten drukken op het huishoudbudget en de begroting bevat op dit vlak verschillende maatregelen.
De belastingvrije reiskostenvergoeding is al verhoogd van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer, met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026. Dit geldt zowel voor werknemers die een kilometervergoeding ontvangen als voor zelfstandigen die reiskosten van hun winst aftrekken. De regeling geldt niet voor bedrijfsauto's of fietsen.
Aan de pomp wordt voorgesteld om de verlaagde accijns op benzine (€ 0,85 per liter) en diesel (€ 0,55 per liter) met een jaar te verlengen, tot 1 januari 2028.
Vanaf 1 januari 2027 betalen werkgevers een extra belasting van 12% over de cataloguswaarde van niet-elektrische bedrijfsauto's die ook voor privégebruik ter beschikking worden gesteld, inclusief woon-werkverkeer. Voor auto's die vóór die datum al aan werknemers zijn toegewezen, geldt een overgangsregeling. Voor deze voertuigen wordt de extra heffing uitgesteld tot 2031.
Wijzigingen voor wonen en huishoudelijke regelingen
De nieuwe begroting bevat verschillende wijzigingen op het gebied van wonen. Huishoudens met een laag inkomen kunnen een beroep doen op een speciaal energiefonds, terwijl het totale woningbouwbudget aanzienlijk stijgt tot € 7 miljard. Daarvan wordt € 940 miljoen gereserveerd voor betere voorzieningen en meer groen rond woningbouwprojecten.
Woningcorporaties krijgen een belastingvoordeel ter waarde van € 425 miljoen. Volgens de overheid moet dit € 6 miljard aan extra leencapaciteit voor de bouw van sociale woningen vrijmaken. Particuliere investeerders die middenhuurwoningen bouwen, kunnen aanspraak maken op maximaal € 10.000 per woning. Voor deze regeling is tussen 2029 en 2033 in totaal € 500 miljoen beschikbaar, waardoor ze voor de financiële planning voor 2027 minder relevant is.
Vanaf 2028 krijgen mensen met een te hoog inkomen om voor gereguleerde huurwoningen in aanmerking te komen te maken met strengere controles op hun individuele vermogen, om misbruik van het systeem tegen te gaan. Deze maatregel wordt pas later ingevoerd en heeft dus geen gevolgen voor de huurberekeningen in het komende jaar.
Begrotingswijzigingen voor beleggers
Voor mensen met spaargeld, beleggingen of vastgoed naast hun eigen woning geeft de begroting voor 2027 hier het duidelijkste signaal.
Voor 2026 wordt voor bank- en spaartegoeden uitgegaan van een forfaitair rendement van 1,28%. Voor beleggingen en andere bezittingen, waaronder aandelen, tweede woningen, verhuurd vastgoed en cryptovaluta, wordt een forfaitair rendement van 6,00% gehanteerd. Voor aftrekbare schulden geldt een forfaitair percentage van 2,70%. Na aftrek van het heffingsvrije vermogen van € 59.357 per persoon wordt het berekende rendement belast tegen een vast tarief van 36%.
Het verschil tussen 1,28% en 6,00% is hierbij belangrijk. Twee mensen met hetzelfde nettovermogen kunnen een heel verschillend belastingbedrag in Box 3 betalen, afhankelijk van de verdeling van hun vermogen over spaargeld en andere bezittingen. Het forfaitaire rendement voor beleggingen ligt namelijk meer dan vier keer zo hoog als het rendement dat voor banktegoeden wordt verondersteld.
Deze begroting introduceert geen nieuwe of afzonderlijke cryptobelasting. Cryptovaluta worden al enige tijd op deze manier fiscaal behandeld. Voor vastgoedbeleggers is de verlaging van de overdrachtsbelasting belangrijker. Het tarief voor de aankoop van woningen die niet als hoofdverblijf worden gebruikt, zoals woningen voor de verhuur, daalt in 2027 naar verwachting van 8% naar 7%. Dit volgt op een eerdere verlaging van 10,4% naar 8%, die op 1 januari 2026 in werking trad.
De begroting voor 2027 stelt beslissingen over de hervorming van Box 3 uit tot het voorjaar van 2027. Dit geldt ook voor de behandeling van ongerealiseerde ‘papieren’ winsten: waardestijgingen van beleggingen voordat deze worden verkocht.
Wat is er gebeurd met de hervorming van de vermogensbelasting in Box 3?
De verwachte hervorming van Box 3, waarbij fictieve winsten (of winsten op papier) zouden worden belast, gaat voorlopig niet door. Nadat de hervorming begin 2026 aanvankelijk werd besproken, is deze vastgelopen door onenigheid binnen de coalitie over de fiscale behandeling van ongerealiseerde tegenover gerealiseerde vermogenswinsten.
Voorlopig is de hervorming van de baan en wordt in het voorjaar van 2027 een nieuw voorstel verwacht. Een eventuele invoering zou op zijn vroegst op 1 januari 2028 plaatsvinden. Tot die tijd blijft de huidige overbruggingswetgeving van toepassing, waarbij wordt gewerkt met de forfaitaire rendementspercentages voor banktegoeden, beleggingen en schulden die hierboven in het gedeelte voor beleggers zijn beschreven.
Wanneer treden de wijzigingen van Prinsjesdag in werking?
Bij de tijdens Prinsjesdag aangekondigde maatregelen is de timing wellicht het meest verwarrende onderdeel, aangezien de wetten en wijzigingen in vier hoofdcategorieën vallen:
- Al wettelijk vastgelegd of al van kracht. De hogere belastingvrije reiskostenvergoeding (met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026) en de extra belasting op bedrijfsauto's die op fossiele brandstoffen rijden (vanaf 1 januari 2027) vallen in deze categorie.
- Voorgesteld voor 1 januari 2027, onder voorbehoud van goedkeuring. Hieronder valt het grootste deel van het Belastingplan, waaronder de verhogingen van de tarieven in de inkomstenbelasting en de verlaging van de overdrachtsbelasting. De Tweede Kamer stemt in november over het Belastingplan.
- Uitgesteld tot 2028 of later. De tweede stap in de verhoging van de leeftijdsgrens voor de youngtimerregeling, de strengere controles voor gereguleerde huurwoningen en de hervorming van Box 3 vallen buiten 2027.
- Maatregelen die gefaseerd over meerdere jaren worden ingevoerd. De subsidie voor middenhuurwoningen (2029–2033) en de versnelde inkrimping van het ambtenarenapparaat (tot 2030) worden over een langere periode uitgevoerd.
Checklist voor Nederlandse huishoudens voordat de begroting voor 2027 van kracht wordt
- Vergelijk je bruto-inkomen met de nieuwe belastingschijven in plaats van ervan uit te gaan dat de hogere belastingtarieven automatisch tot een lager nettoloon leiden.
- Bereken kilometervergoedingen opnieuw op basis van € 0,25 per kilometer als je werkgever of zelfstandige bent, aangezien dit tarief met terugwerkende kracht geldt voor 2026.
- Bekijk de samenstelling van je vermogen in Box 3 opnieuw, rekening houdend met het verschil tussen de forfaitaire rendementen voor banktegoeden en andere bezittingen. Dit is echter geen beleggingsadvies.
- Plan de aankoop van een woning zorgvuldig, aangezien de verlaging van de overdrachtsbelasting naar 7% voor 2027 is voorgesteld, maar nog niet definitief is.
- Controleer of je in aanmerking komt voor het energiefonds als stijgende energiekosten zwaar op je budget drukken.
About the authors
Written by
Vlad Hategan
SEO content writer
Schrijft de artikelen in de kennisbank van Yieldfund.
Nederlands, Engels, Roemeens
Translated by
Patricia Van den Kerckhove
Senior content translator
Vertaalt en controleert de Nederlandstalige content van Yieldfund.
Nederlands (NL & BE), Frans, Engels



